De onderste steen boven

Wie door de straten van 's-Hertogenbosch wandelt, wordt omringd door gebouwen met een verleden. Vaak gebouwen met een bijzonder verhaal. Achter jonge voorgevels, systeemplafonds of pleisterlagen zijn de sporen bewaard gebleven van een bewogen geschiedenis. Het is het werk van de bouwhistoricus om dit verhaal "leesbaar" te maken. Zoals de archeoloog zijn verhalen uit de grond haalt, haalt de bouwhistoricus ze uit de nog overeind staande gebouwen.

Ter gelegenheid van het vijfentwintigjarig bestaan van de Bouwhistorische Dienst in 's-Hertogenbosch verschijnt De onderste steen boven. Lange tijd was de "Bosche school" de enige bouwhistorische opleiding in Nederland. Een opvallend groot deel van de jongste generatie bouwhistorici is in 's-Hertogenbosch opgeleid.

De onderste steen boven presenteert de praktische resultaten van de bouwhistorie in 's-Hertogenbosch aan een breed publiek. In vlot geschreven en rijk geïllustreerde bijdragen wordt onder andere verteld over de eerste stadsmuur, over de molens van de stad, over wandversieringen van onze middeleeuwse voorouders en over hoe en waar de Bosschenaren vroeger hun bouwmaterialen vandaan haalden.

Hans Wilems, Gabri van Tussenbroek, Rob Gruben en Ronald Glaudemans
De onderste steen boven. 25 jaar bouwhistorie in 's-Hertogenbosch
('s-Hertogenbosch / Utrecht 2000)
ISBN 90-5345-168-4

de-onderste-steen-boven_1