Forum Hadriani
BAAC bv voerde in de zomer van 2005 een grote opgraving in Voorburg bij Den Haag uit. De RACM verleende toestemming om nieuwbouw te plegen in het archeologisch monument dat daar in het zuidelijk deel van de Romeinse stad municipium Aelium Cananfeatium lag. Deze Romeinse stad, vooral bekend onder de naam forum Hadriani, was na Nijmegen de tweede Romeinse stad op het grondgebied van het huidige Nederland. Het was de hoofdstad van de stam der Cananefaten.
De aangetroffen sporen en vondsten (vele tienduizenden!) zijn integraal uitgewerkt in het boek Forum Hadriani - Voorburg. Definitief Archeologisch Onderzoek van de hand van M. Bink en P.F.J. Franzen (BAAC rapport A-05.0125). Dit boek kwam tot stand met medewerking van veel andere specialisten, uit binnen- en buitenland. Het boek telt 13 hoofdstukken en 18 bijlagen.
De opgravers konden enkele grote fasen in de bewoning en bebouwing op het terrein onderscheiden. Deze fasen konden ook weer onderverdeeld worden in sub-fasen.
- fase 1: tussen circa 120 en 165/170 na Chr., waarbij het terrein voornamelijk geschikt gemaakt werd voor gebruik, en waarbij er sprake lijkt te zijn van een gebruik als tuinen en achtererven.
- fase 1a en fase 1b wisselen elkaar rond 150 Na Chr. af. In fase 1b is er duidelijk meer sprake van (licht gefundeerde) gebouwen en structuren.
- fase 2: tussen circa 165/170 en 275 na Chr. Het terrein is geheel anders georiënteerd, en voor er weer gebouwd werd is er een stevig ophogingspakket aangebracht met materiaal dat elders uit de stad afkomstig moet zijn geweest. Dit bevat onder andere tientallen drinkbekers van uit Duitsland geïmporteerd aardewerk. De best bewaarde sporen zijn voornamelijk waterputten. De onderscheiden sub-fasen dateren als volgt:
- fase 2a: 165/170-180/185 na Chr.
- fase 2b/: 180/185-205/210 na Chr.
- fase 2d: 205/210-275 na Chr.
Opvallend was het grote verschil in oriëntatie tussen de hoofdfasen 1 en 2. De eerste fase lijkt nog aansluiting te hebben met de al gepubliceerde plattegronden en reconstructies van met name de westelijke stadsmuur. De tweede fase verschilt sterk met alle eerdere opgravingen.
De aangetroffen sporen betreffen onder andere resten van gebouwen, waaronder één mogelijk court-yard type of peristyl-huis, resten van kleinere gebouwen, schuttingen en opvallend veel waterputten. Het terrein bleek door grotere en kleinere greppels in gelijke percelen verdeeld te zijn.
De tienduizenden stuks aardewerk, metaal, natuur- en baksteen, glas en hout zijn integraal uitgewerkt. Hierdoor is het voor het eerst mogelijk zinvolle vergelijkingen te maken met ouder en nog te publiceren onderzoek. Tot nu toe was elke interpretatie van vondstmateriaal uit forum Hadriani eerder anekdotisch dan wetenschappelijk onderbouwd. Het zal dan ook niet verbazen als dit deel van het werk nog vele jaren als basis dient voor onderzoek zowel in forum Hadriani zelf, als binnen de hele civitas Cananefatium. Het beeld dat uit dit materiaal naar voren komt, is dat van een Romeinse stedelijke levenswijze, gesteund door grote hoeveelheden importaardewerk en goederen uit het Romeinse rijk. Ook meer lokale importstromen konden aangetoond worden. De koppeling van rijk versierde bouwornamenten aan de opgravingen van Reuvens in het begin van de negentiende eeuw was niet alleen leuk, maar bewijst ook dat er al snel na de stichting van de stad sprake is geweest van monumentale gebouwen die in steen uitgevoerd waren.
Uitgebreid archeo-botanisch en archeo-zoölogisch onderzoek leverde gegevens over het (natte) landschap in de omgeving, de aanwezigheid van planten die gebruikt konden worden als verfstof en natuurlijk eetgewoonten. Met name bij dit laatste is te zien dat al snel na de stichting van de stad een sterk geromaniseerd eetpatroon ontwikkelde. In de laatste fase echter, veranderde dit weer naar een meer "inheems" karakter.
Enkele van de meest opvallende vondsten zijn gerestaureerd en tentoongesteld in het Stadsmuseum Leidschendam-Voorburg. Dit zijn onder meer een bronzen set vaatwerk bestaande uit een bekken en een steelpan, beide met veel reparaties; een halsketting gemaakt uit barnstenen kralen en een wagenwiel dat in een put gevonden is. Ook te zien is een kleine altaarsteen met de inscriptie I.O.M. Die letters staan voor Iupiter Optimo Maximo. Ofwel Jupiter, de beste en de grootste: een verwijzing naar de Romeinse oppergod. Uit het onderzoek bleek dat er een speciale band bestond tussen Jupiter en de stam der Cananefaten.
Het probleem van de afwijkende oriëntatie konden de uitwerkers niet goed verklaren, behalve door te twijfelen aan het uitgangspunt van het hele onderzoek: bevond de opgraving zich wel binnen de Romeinse stad forum Hadriani?
Op basis van deze twijfel zijn drie alternatieve plattegronden voor de stad gepresenteerd, die daardoor opvallend klein lijkt te zijn geweest. Daarmee wordt een interessante opzet gegeven voor de discussie over de afmetingen van de stad forum Hadriani en de status daarvan, binnen het stamgebied van de Cananefaten en de Romeinse provincie Germania inferior. Zoals bij elk goed onderzoek, zijn er dus minstens evenveel nieuwe vragen opgeworpen als er beantwoord konden worden.





