Utrecht Vredenburg - Middeleeuws woonblok De Teerling

Hoe zagen de huizen in Utrecht er in de Middeleeuwen uit en hoe werden ze gebouwd? Om ondermeer die vragen te kunnen beantwoorden heeft BAAC gedurende drie weken een opgraving uitgevoerd midden in het centrum van Utrecht. De opgraving vond plaats op de plek waar ooit de huizen van een middeleeuwse stadswijk genaamd De Teerling (de dobbelsteen) stonden.

De geschiedenis van de onderzoekslocatie laat zich in het kort als volgt vertellen. In het jaar 1528 nam keizer Karel V de macht over in Utrecht. Om de bevolking onder de duim te houden en zijn soldaten te huisvesten, liet hij een dwangburcht bouwen: het kasteel Vredenburg! Het terrein bij de Catharijnepoort was daarvoor het meest geschikt vond men. Op een ontwerptekening uit het jaar 1529 zijn de gevolgen van de bouw van het kasteel en de aanleg van de omringende gracht met keermuur voor de omgeving goed te zien, de huizen van De Teerling moesten worden gesloopt! Doordat de tekenaar de beroepen en soms de namen van de bewoners erbij schreef, weten we dat er in De Teerling onder meer een kapper, een schoenlapper en een harnasmaker woonden.

Dat de nieuwe machthebbers voortvarend te werk gingen blijkt wel uit het feit dat binnen drie jaar de bouw van het immense kasteel Vredenburg grotendeels voltooid was. Waar twee eeuwen lang de huizen van De Teerling hadden gestaan, ontstond na de bouw van kasteel Vredenburg een plein met een schavot. Het kasteel zou na een beleg van zeven weken in februari 1577 worden ingenomen. Tussen 1577 en 1583 werd het kasteel al weer grotendeels afgebroken; alleen het onderdeel dat deel uitmaakte van de stadsommuring bleef intact. Vanaf de late zestiende eeuw tot 1928 werd op het plein van De Teerling regelmatig veemarkt gehouden. In de loop van de negentiende en twintigste eeuw raakte het Vredenburg echter steeds meer bebouwd met onder andere de grote gebouwen van de Jaarbeurs en ging het open karakter verloren. Voorafgaand aan de bouw van het muziekcentrum werd in 1976 en 1978 uitgebreid onderzoek gedaan naar kasteel Vredenburg. Het gebied ter hoogte van De Teerling is toen niet onderzocht.

Op basis van het door BAAC uitgevoerde onderzoek is daadwerkelijk vast komen te staan dat binnen het bouwblok De Teerling een woning heeft gestaan. Het opgegraven deel bestond uit een groot gebouw, bestaand uit drie zogenaamde traveeën (gewelfvlak). Het gebouw is op basis van baksteenformaten, mortelgebruik, vondstmateriaal en archiefgegevens te plaatsen in het begin van de 14de eeuw. Door de combinatie van archeologisch en bouwhistorisch onderzoek was het mogelijk om de bouwrichting te achterhalen. Het gebouw heeft mogelijk aan het nabij gelegen kloostercomplex toebehoord. Het is nog onduidelijk of het bouwblok om het gebouw is ontstaan of dat het gebouw vanaf het begin binnen een bouwblok heeft bestaan. Bij de bouw van het kasteel Vredenburg is het gebouw tot op het toenmalige maaiveld gesloopt, hierdoor is de plattegrond op het funderingsniveau geheel intact gebleven!
Oudere, mogelijk allen 13de eeuwse structuren betreffen een restant van een goot, een haaks hierop staande rij palen en een aantal kuilen. De functie en exacte ouderdom hiervan zijn nog niet bekend. Van de put aan de voorzijde van het gebouw kan niet met zekerheid gesteld worden of ze tot elkaar behoren; de put kan ook voor gemeenschappelijk gebruik voor een groter gebied zijn gebouwd. De beerput aan de achterzijde van het gebouw behoort primair tot het gebouw.

De beerput was bij aanvang van de bouw van Vredenburg leeggehaald en bevatte nog maar zeer weinig materiaal. Bij het onderzoek van De Teerling zijn verschillende specialisten van BAAC zoals archeologen, bouwhistorici, fysisch geografen en metaalspecialisten betrokken geweest en is nauw samen gewerkt met de gemeente Utrecht en Hazenberg Archeologie. Naar verwachting zal de definitieve rapportage van het onderzoek zomer 2008 klaar zijn.

Kim Spijker / Alco Emaus.